Joost de Bloois, In de naam van het Maagdenhuis

p.161 – 14,95

In het voorjaar van 2015 bezetten studenten en docenten het bestuurlijke centrum van de Universiteit van Amsterdam, het Maagdenhuis. De bezetting vond onverwachte weerklank buiten de muren van de academische wereld. Het Maagdenhuis bleek de naam voor iets groters: het verzet tegen de ingrijpende gevolgen van decennialang neoliberaal beleid, het verzet tegen het ‘rendementsdenken’. De universiteit kwam symbool te staan voor de ontmanteling van het publieke domein, de bestaanszekerheid en uiteindelijk de democratie. In dit essay toont Joost de Bloois wat besloten ligt in de naam van het Maagdenhuis, aan de hand van thema’s als rendement, precariteit, cognitief kapitalisme en democratie. Dit boek laat zien dat de gebeurtenissen in het Maagdenhuis de sleutel zijn om cruciale veranderingen in samenleving, politiek, cultuur en wetenschap in de afgelopen jaren te begrijpen. Waar is het Maagdenhuis de naam van?

Joost de Bloois is filosoof en als universitair docent verbonden aan de opleiding Literary and Cultural Analysis van de Universiteit van Amsterdam. Hij publiceert over het verband tussen cultuur en politiek.

“Dit excellente boek legt als geen ander de neoliberale reductionistische travestie bloot, waarbij studenten, docenten, onderzoekers, medewerkers en ook de universiteiten zelf middels performance indicatoren permanent geevalueerd en tot een meedogenloos disciplinerende concurrentiestrijd gedwongen worden. Dit boek is het vademecum, het manifest, voor de herverovering van de universiteit als een publiek en politiek terrein. Deze politieke strijd is nog niet voorbij. In de woorden van Antonio Gramsci: “leert, want we zullen al jullie intelligentie nodig hebben; ageert, want we zullen al jullie enthousiasme nodig hebben; organiseert, want we zullen al jullie kracht nodig hebben!” Angela Wigger, Universitair Hoofddocent Politieke Economie, Radboud Universiteit

“In deze “theoretische reportage” zet Joost de Bloois het bezette Maagdenhuis van vorig jaar neer als een Foucaultiaanse “heterotopie”, als een “locus criticus” die een reeks van beheersende en beherende maatschappelijke praktijken plotseling bespreekbaar, bekritiseerbaar en daarmee vervangbaar maakte. De Bloois steunt daarbij op het neusje van de zalm op het gebied van de filosofische maatschappijkritiek, die, niet onverwacht, nog altijd welig tiert in dat deel van Europa dat grotendeels immuun is gebleven voor het Anglo-Amerikaanse neoliberalisme, al krijgen delen ervan het met geweld alsnog opgedrongen. In de naam van het Maagdenhuis is verplichte lectuur voor eenieder die het conservatieve nationalisme dat momenteel in-de-naam-van-het-volk als oplossing wordt verkocht afwijst en in plaats daarvan een links, progressief, constructief populisme nastreeft.” Ewald Engelen, Hoogleraar Financiële Geografie aan de Universiteit van Amsterdam