Derrida sprak lang, met een rustige stem, en ik zoog elk woord in mij op. De zon, zei Derrida, verwarmt met haar stralen de dingen. De dingen worden door de stralen bestraald en worden warm. Alle dingen zijn warm doordat zij de verwarmende stralen van de zon vasthouden. Alle dingen houden die verwarmende stralen vast – 
